Nog even: samenvatting beste opvoeding tips


Op een eerdere pagina heb ik al de meest belangrijke en mogelijk beste opvoeding tips gegeven. Graag wil ik ze hier samenvatten. Maar verder zal deze pagina vooral gaan over hele concrete situaties waarin tips worden gegeven hoe u kunt omgaan met het gedrag van uw kinderen tot 12 jaar.

De beste tips zullen gegeven worden voor de volgende verschillende leeftijdsfasen: 0-4 jaar, 4-8 jr, 8-12 jaar. Deze indeling is niet helemaal willekeurig (het zijn duidelijk andere fasen waarin ook de hersenen zich anders ontwikkelen) maar het is ook weer niet zo dat er een zware wetenschappelijke onderbouwing is voor deze 3-deling. Het is ook gewoon handig voor het geven van tips en het leesgemak.

Beste opvoeding tip 1. Stel grenzen, in redelijke mate
Grenzen stellen bij kinderen is erg belangrijk voor het aanleren van sociaal gedrag én het traint het kind in het leren beheersen van zijn of haar impulsiviteit. Er bestaan namelijk zogenaamde kritische perioden waarin je bepaald gedrag moet aanleren bij een kind. Er is veel geleerd van zogenaamde wolfskinderen die slecht of helemaal niet opgevoed zijn door (normale) mensen. Deze kinderen vertonen allemaal zeer afwijkend gedrag: zijn vooral sexueel ontremd, impulsief en kennen nauwelijks gedragsregels in de sociale omgang. Na hun 11-12e jaar bleek dit ook niet meer helemaal te herstellen of met veel moeite.

Grenzen stellen kweekt ook een betere zelf-controle, zelf-discipline en impulscontrole. Daarnaast zal het ook een optimalere frustratie-tolerantie aanleren: immers, het kind zal vaker oefenen met het feit dat het frustaties tegenkomt door de regels/grenzen die er zijn. Het zal daardoor beter kunnen leren hoe met frustraties om te gaan. De controle op eigen impulsen en/of emoties zal beter getraind worden.

Beste opvoeding tip 2. Richt kritiek nooit op de persoon
Het is in het aanleren van juist gedrag heel belangrijk dat je bijsturing en/of kritiek zorgvuldig toepast, dus nooit op de hele persoon. Je moet duidelijk laten blijken dat je bepaald gedrag niet wilt hebben of juist wel wilt hebben. Een kinderziel is vaak erg kwetsbaar. En er zijn sterke verschillen in de gevoeligheid van een kind. Het ene kind kun je gerust met een luide stem toespreken, het andere kind (zoals mijn jongste dochter) zal bij een beetje luide stem teveel angst vertonen. Omdat angst een slechte leermeester is en allerlei zaken door het kind uiteindelijk slechter worden onthouden, is het verstandiger altijd feedback rustig met een neutrale en begripvolle stem te geven. Heel belangrijk is dat je altijd uitlegt dat je bepaald gedrag wel of niet wilt zien. Richt je dus op gedrag in plaats van het kind zelf.

Beste opvoeding tip 3. Geef voldoende vaak complimenten
Uit leertheorieën is al heel lang bekend dat een kind het beste leert als het meer beloond wordt dan gestrafd. Dat heeft vooral te maken met angst. Angst remt de juiste groei van de hippocampus, een belangrijk geheugengebied in de hersenen. Angst maakt ook altijd onzeker zodat het kind passiever kan worden en zich sneller kan terugtrekken wanneer iets moeilijk is. Juist bij moeilijke leeropdrachten is het daarom essentieel dat het kind op een goede en (vaak) leuke manier gestimuleerd wordt. Positieve aandacht en humor werken als beloning bij een kind (en volwassene) nog altijd het beste als het gaat om het aanleren en bijsturen van gedrag. Deze hele simpele wet wordt binnen scholen en organisaties nog altijd veel te weinig toegepast. Een gemiste kans want hierdoor wordt zoveel talent en optimaal presteren op het werk gemist!

Beste opvoeding tip 4. Stimuleer je kind om veel zelf te ontdekken, te onderzoeken
Heel belangrijk om voldoende zelfvertrouwen en een actieve manier van het oplossen van problemen bij een kind aan te leren. Zorg er dan wel voor dat wát een kind wil ontdekken ook binnen zijn mogelijkheden ligt. Als je een kind iets laat doen wat het nog helemaal niet aan kan dan frustreer je het alleen maar en kweek je aangeleerde hulpeloosheid. Maar zorg je ervoor dat het kind plezier krijgt in het ontdekken van dingen en dat het ook nog eens zelf probleempjes kan oplossen, dan zit je goed.



Van 0 tot 4 jaar: beste opvoeding tips voor de dagelijkse praktijk


Een peuter leert ongelooflijk snel. Met name leert het zijn eigen controle over zijn lichaam te krijgen met leren zitten, kruipen, eten, lopen, staan, grijpen, gooien, voetballen enzovoorts. Hierbij moet het leren begrijpen dat hij niet alles kan en...niet alles mag. Er zijn genoeg ouders die echter nauwelijks gedrag bijsturen bij zo'n jong kind. Graag geef ik hier voorbeelden van hoe je beste wél het kind moet bijsturen. Voordat ik iedereen over me heen krijg (niets is zo gevoelig als commentaar hebben op de opvoedstijl van ouders) zal ik bij ieder voorbeeld ook mijn redenen geven van waarom ik dit advies geef. Ik hoop dat ik de redenen kan geven die ik geleerd heb uit de neurowetenschappen, over de ontwikkeling van het brein. Iedereen die meent het anders gelezen of gezien te hebben nodig ik van harte uit dit met mij te delen zodat we deze site zo waarheidsgetrouw mogelijk kunnen houden. Zodat ook daadwerkelijk de beste opvoeding tips hier terecht komen.

Aan tafel tijdens het eten
Bij de funniest home videos zie je vaak filmpjes waarin ouders een baby of peuter van 1-2 jaar laten eten en laten knoeien. Zo zie je dat een baby zich helemaal onder de hazelnootpasta heeft gewerkt (op zijn hoofd, bij zijn oogjes, etc). Het ziet er komisch uit maar...dat is het toch niet en zeker geen voorbeeld van een beste opvoeding. Tuurlijk, als zoiets eenmalig is, wie ben ik dan om er iets van te zeggen? De ervaring leert echter dat vele ouders dit vaker toestaan en geen probleem vinden. Maar als je het kind in zijn eetgedrag wilt bijsturen dan moet je dat hier ook doen. En wel op zo'n manier dat het kind dit ook aan kan. Een baby van 8 maanden kan vaak nog niet veel met een lepel omdat zijn motorische coördinatie nog niet voldoende is. Het geven van bijvoorbeeld een vork is dan ronduit gevaarlijk want het zal niet de eerste keer zijn dat een baby zich met een vork per ongeluk in zijn oog prikt. Dit toestaan is ronduit sadistisch en misdadig of...heel dom.

Een peuter van 2 kan ook spugen met eten of ongeremd slaan met een vork of lepel op zijn bordje. Ook dergelijk gedrag dient gecorrigeerd te worden binnen een beste opvoeding. Nog niet eens zozeer omdat het rotzooi kan geven (is altijd op te ruimen), maar vooral omdat je het kind beheersing moet leren, in alle omstandigheden. Hoe eerder je daarmee begint hoe eerder de frontale hersenstructuren deze beheersing, deze discipline ontwikkelen. Er is echter wel een uitzondering: als het kind iets echt heel vies vindt zodanig dat het steeds gaat spugen bij bepaald eten, dan is het niet verstandig dit eten verder te forceren.

Over het algemeen is het echter zo dat een baby of peuter alles kan leren eten, mits het niet té gekruid is of té uitgesproken van smaak. De hersenen zijn van nature ingesteld op zacht, romig/vettig, zoet, warm en redelijk zoutloos. Om een eetstoornis bij een kind te voorkomen moet het kind geleerd worden álles te eten en zo gevarieerd mogelijk. Kortom: alle soorten smaken dient het te eten. Hier gaat het bij veel ouders mis: zodra een kind iets niet echt lust wordt direct ervoor gezorgd dat het krijgt wat het lekker vindt. Het grootste nadeel is dat het dan een eenzijdige smaak ontwikkelt en vooral dat het heel veel zaken niet leert te eten en dus ook niet lust. Wat je dan krijgt is een kind met eetproblemen omdat het vrij veel producten niet lust. Het eetpatroon van zo'n kind wordt dan zeer beperkt en zo krijgt het ook lang niet alle voedingsstoffen binnen. Wat dan weer een negatieve uitwerking op de groei van zijn hersenen heeft. Het zal zich suboptimaal ontwikkelen. Zo zijn er massa's kinderen die eigenlijk alleen nog maar patat, pannekoeken of pizza's lusten: calorierijk voedsel en dat zorgt natuurlijk voor dikke kinderen.

Een ander iets wat me vaak opvalt bij nogal wat ouders is dat zij hun kind niet laten concentreren op het eten zelf. Er zijn veel kinderen van 2-4 jaar die aan tafel eten mét de TV aan. Ze mogen dan naar een TV-programma kijken. In de hersenen werkt het zo dat eten gekoppeld wordt aan wat je verder aan het doen bent. Als zo'n kind automatisch een koppeling maakt tussen eten en TV dan zal het later vooral ook getraind worden om tijdens TV-kijken honger te krijgen, trek in eten. Niet voor niets zijn er vele kinderen die bij het TV-kijken leren snacken.

Er is nog een andere reden dat eten en TV-kijken tegelijkertijd niet verstandig is. De concentratie en discipline die nodig is voor het eten wordt minder goed getraind als je iets anders doet dan eten alleen. Je leert het kind dan ook niet te genieten van het eten. Een kind moet bewust leren te eten zodat het optimaal kan genieten van zijn eten. Ook zorgt het ervoor dat het binnen een normale tijd zijn eten op zal eten, gewoon omdat het minder afgeleid is. Van ouders hoor ik vaak genoeg dat hun peuter wel 3 kwartier aan tafel zit om één broodje op te eten. Gek toch, als de TV constant aan staat en het kind bij iedere scène niet kauwt maar met open mond naar de TV kijkt...

In de winkel of op straat
Iedere jonge ouder herkent de volgende scène. Je loopt met je kleine van 3 of 4 buiten en plotseling slaat zijn humeur om. Hij wil niet meer in de buggy of wil niet meer mee lopen. Praten heeft weinig zin. Meesleuren gaat ook niet werken want hij gaat liggen op de grond. Er zijn meerdere oplossingen denkbaar. Als je sterk genoeg bent (als man is dat iets gemakkelijker) dan kun je de kleine stevig vastpakken en in de buggy zetten en goed vastzetten. En zo vervolg je je weg met een huilend en schreeuwend kind. Maar vaak gebeurt het moeders en die zijn...niet zo sterk (vaak). Dan kan je altijd nog even eerst kort contact met de peuter zoeken en vragen wat er is. Misschien ergens pijn of te moe? Helaas werkt dit in de meeste gevallen niet meer. De kleine is vaak al te moe en overprikkeld geraakt en protesteert op deze wijze. Hij is dan niet meer redelijk...dus veel praten helpt echt niet (meer).

Een andere optie is: gewoon doorlopen en "dag Jeroen, mama gaat weg" zeggen op een neutrale toon. Niet ingaan op het vervelende gedrag maar gewoon doen alsof het jou weinig kan schelen. Zo'n kleine zal in eerste instantie gewoon doorgaan met zijn protest. Maar...heel vaak zal het bang worden en niet graag alleen zijn. Het kan verder gaan met huilen en blijven staan. Voor deze oplossing moet je echter wel tijd genoeg hebben. Het kan goed een kwartier tot een half uur duren voordat de kleine inbindt. Als het mama namelijk een tijdje niet meer ziet, zal het eieren voor zijn geld gaan kiezen. Natuurlijk moet je de kleine stiekem wel altijd in de gaten houden en je kunt dit niet overal en altijd doen. Als je kind impulsief is en gewoon de weg op gaat lopen, of het gebeurt in een drukke winkelstraat, tja dan gaan andere mensen zich ermee bemoeien en soms brengen ze ook je kind naar je toe (om behulpzaam te zijn, grrr).

Zo heb ik wel eens een kwartier gewacht op mijn 3-jarige die geen stap meer wilde zetten. Ik had een blokje om gelopen (risico, geef ik toe) en toen kwam ik van de andere kant aangelopen. Zij was al gestopt met huilen want tja, niemand luisterde, dus dat hielp ook niet. Weer bij haar aangekomen vroeg ik op een neutrale wijze: 'ga je mee, naar huis toe?' en dat ging goed. Je leidt dan verder de aandacht af en je kleine zal dit niet gauw een 2e keer doen want het heeft namelijk geen enkele zin.

Zo werkt het ook in een winkel: je peuter gaat pontificaal op de grond liggen. Schreeuwen of huilen. Geen land mee te bezeilen. De beste opvoeding tip of oplossing is gewoon negeren. Dus gewoon doorgaan met winkelen. En ondertussen wel je kind in de gaten houden. Iets dat gemakkelijker kan in een winkel dan in een groot winkelcentrum natuurlijk. Voor deze oplossing is echter wel nodig dat je de tijd neemt. Je kleine kan gemakkelijk een half uur zo blijven liggen huilen of schreeuwen. In de meeste gevallen gaan mensen zich er ongevraagd mee bemoeien. Dus je moet hierbij jezelf ook niet schamen maar er met enige humor mee om gaan. Bijvoorbeeld: "vroeger was ik nog wel iets erger dan dit". Waat het hier om gaat is dat je dit gedrag negeert en niet accepteert. De kleine zal merken dat dergelijk gedrag helemaal niet werkt. Mama gaat gewoon verder...huh?? dat is gek. En dit gedrag zal minder vaak vóórkomen.

Het minst slimme wat je hier kan doen is met je kind gaan praten. Alsof het in een redelijke staat verkeert: vergeet het maar. Bovendien, je geeft het dan zoveel aandacht (voor dit slechte gedrag) dat het de volgende keer opnieuw zo gaat doen. Een andere fout is dat je een groot drama van dit gedrag gaat maken door bijvoorbeeld je kind zwaar te gaan straffen. Je kind heeft recht op protest, dat mag je nooit heel zwaar afstraffen. Het zal zich voortaan minder veilig bij je voelen en andere dingen verzinnen als protest. Schreeuwen tegen je kind in deze toestand zal ook totaal niet helpen. Je kind zal tijdelijk even banger voor je worden maar dan ook harder gaan huilen.

Het is heel belangrijk dat áls je het kind even genegeerd hebt en je bent verder gegaan met winkelen, dat áls je terugkomt je geen aandacht besteedt aan dit negatieve gedrag maar gewoon op neutrale toon vraagt: "en heb je zin nog iets voor mama te pakken?" Je leidt dan dus de aandacht af en houdt contact met je kind. Het kind zal deze positieve aandacht waarderen en meestal gewoon akkoord gaan met je voorstel. Zodoende leert het 2 dingen: dit negatieve op de grond liggen heeft geen zin. Ten tweede: mama blijft aardig en ik heb liever een aardige mama. Belonen werkt over het algemeen beter dan straffen.

Maar... het kan ook zijn dat de time-out (het negeren) niet werkt en als je na 15 minuten terug komt, je kleine nog altijd op de grond ligt. Meestal is ie dan wel moe van het huilen of schreeuwen en als je dát ziet dan moet je niet meer afstraffen maar gewoon oppakken en even knuffelen. In de meeste gevallen zal ie dan smelten, blij dat mama er is. Het protest is dan over. Ga er verder niet op in, geen discussies, gewoon aandacht afleiden en weer contact maken.

Wezenlijk is dat een kind mag protesteren, zeker als het moe is of zijn bui niet heeft. Negeren werkt dan het beste. Pak het kind dus nóóit aan op zijn hele persoon, richt je op het gedrag. Een tijdelijke time-out (=negeren) werkt buiten in een winkel best goed want het kind zal sneller angstiger worden als er niemand om hem geeft daar. In huis kan een time-out ook werken maar daar kan het veel langer gaan duren. Meestal heb je die tijd niet. In totaal heb ik dit in de winkel slechts één keer mogen meemaken van mijn koppige dochter. Daarna deed zij dit niet meer. Zo krachtig kan zo'n negeren werken. Opvoeden betekent vaak goed aanvoelen wanneer je van iets wél een drama moet maken en wanneer niet. Met name bij pubers speelt dit veel meer. Daarover meer op een andere pagina: Tips bij beste opvoeding pubers


Tot slot: vermoeidheid en overprikkeling

Een kleine peuter of kleuter kan zichzelf nog niet goed remmen. Kan zich ook nog niet goed van de buitenwereld afsluiten en krijgt dus alle prikkels van zijn omgeving binnen. Vaak veel te veel prikkels. De hersenen van zo'n kleine ukkepuk moeten dan allemaal maar verwerken en dat kost veel energie. Daarom treedt vermoeidheid vaak al snel op bij babies maar zeker ook bij peuters en kleuters. Niet voor niets heeft de natuur ervoor gezorgd dat zulke jonge kinderen veel moeten slapen. Slaaptekort bij hen levert uiteindelijk hersenschade op en een suboptimale ontwikkeling.

Normale reacties bij zo'n klein kind bij overprikkeling en vermoeidheid zijn ofwel verdriet en stil vallen ofwel juist heel druk gaan doen. Als een kindje van deze jonge leeftijd (tot 4 jaar) oververmoeid raakt dan gaat het vaak vervelend gedrag vertonen: meestal huilen, niets is meer goed, het kan dan bijna niet meer getroost worden. Maar het kan ook goed zijn dat verdriet en kwaadheid zich afwisselen. Ongeremde boosheid, eigenlijk bedoeld om aandacht te trekken dat het zo niet meer langer gaat. Een ouder die dit snapt zal dan ook gauw het kind uit deze drukke omgeving halen en het kind naar bed brengen.

Een oververmoeid kind kan juist ook heel druk gaan doen, mee doen met zijn omgeving. Als iedereen bijvoorbeeld zingt, gaat hij ook meezingen. Als iedereen danst gaat het ook dansen. In een poging de vermoeidheid te doorstaan. Alleen...dit is niet zo goed. Het leidt tot verdere overprikkeling en verdere vermoeidheid wat schadelijk is voor de hersenen én het lijf. Eigenlijk moet het slapen en rusten en in plaats daarvan wordt de accu nog meer leeg getrokken.

Oververmoeidheid leidt in de meeste gevallen tot irritaties bij het kind, zoals ook bij ons als volwassenen. Het kind wordt dan onredelijk en je kunt er weinig meer mee beginnen. Rust en time-out zijn dan vaak de enige oplossingen. Heel vaak wordt vermoeidheid echter niet gezien door ouders. Omdat zij niet begrijpen dat de hoeveelheid prikkels die zij wél aankunnen nog veel te veel zijn voor jonge kinderen. Net zoals je jonge kind meeslepen tijdens het winkelen in een drukke winkelstraat. Veel kinderen zullen - om aan al die wandelende benen die ze zien te ontkomen - in de buggy al snel hun ogen dicht doen en in slaap vallen. Winkelen kan inderdaad zeer vermoeiend zijn.



Van 4 tot 8 jaar: beste opvoeding tips voor de dagelijkse praktijk


Aan tafel tijdens het eten

Een kind van 4 tot 8 jaar eet natuurlijk al redelijk zelfstandig. Je hoeft hier eigenlijk weinig te corrigeren. Wel is het verstandig te corrigeren op redelijk net eetgedrag zodat het eten niet overal op tafel belandt. Er zijn ouders die dit niet zo heel belangrijk vinden maar ook hier geldt: het trainen van zelfbeheersing en zelfdiscipline is ten allen tijde verstandig. Op deze manier leer je het kind tijdens het eten zichzelf te beheersen. Daarnaast leer je het toch ook te focussen op één taak, namelijk het eten.

Veel mensen vinden dit maar onzin. Maar de hersenen in deze leeftijd zijn erg in de groei en met name de aandachtsgebieden frontaal (vooraan in de hersenen) zijn nog lang niet goed ontwikkeld. Juist dan is het noodzakelijk om het gedrag bij te sturen zodat het kind meer aandachtig wordt op één taak en dus ook leert zichzelf qua emoties te beheersen.

Let wel dat ik hier niet adviseer om het ongezellig aan tafel te maken! Er zijn ook ouders die willen dat het kind tijdens het eten helemaal niets zegt. Of dat er helemaal geen grapjes gemaakt mogen worden. Met nadruk wil ik stellen dat spontaniteit van een kind ook tijdens het eten nooit extreem onderdrukt mag worden. Spontaan reageren en zich niet goed bezig houden met één taak, bijvoorbeeld het eten, zijn twee verschillende zaken. Een kind kan heel goed met het eten bezig zijn en tegelijkertijd spontaan reageren en grapjes maken.

Hoe adviseer ik over het tempo van het eten? Er zijn gezinnen waar heel lang over het eten wordt gedaan, puur uit gezelligheid, zo zegt men. Dat zal en kan best. Ook hier geldt een gulden middenweg. Natuurlijk mag je best genieten van het eten en mag je er rustig de tijd voor nemen. Maar er de tijd voor nemen omdat het heel lekker is of omdat het erg gezellig is, dat zijn hele andere dingen dan wanneer een kind er heel lang over doet omdat…het het eten niet zo lekker vindt, of omdat het met hele andere zaken dan eten bezig is (bijvoorbeeld omdat hij of zij eigenlijk niet wil eten).

Een kind moet geleerd worden dat er een gewoon eetgedrag bestaat, namelijk binnen een acceptabele tijd hebben gegeten. Waar het hier om gaat is dat zogenaamd vermijdingsgedrag, bijvoorbeeld niet eten omdat het eigenlijk iets niet goed lust, ‘afgestraft’ moet worden. De ouder of opvoeder moet deze drempel met het kind nemen.

En dit is een heet hangijzer bij veel ouders. Kinderen beginnen voorkeuren te krijgen als zij 4 jaar of ouder zijn. Ze beginnen plotseling dingen niet te lusten die zij voorheen wel aten. Of ze waren al kieskeuriger en aten al heel weinig en heel selectief (niet alles). Als ouders dit ooit hebben toegelaten krijgen ze gegarandeerd meer problemen als het kind ouder wordt. De kans dat het kind dan zeer eenzijdig gaat leren eten is groot. Waardoor het ook ongezonder gaat eten. En waardoor het eten aan tafel ook niet meer zo gezellig gaat worden. Omdat er altijd een strijd komt tussen de ouders en het kind dat niet of weinig wil eten.

Onderzoeken naar verstoord eetgedrag bij bijvoorbeeld anorexia nervosa of bulimia of vreetbuien (binge eating disorder) laten zien dat dergelijk gedrag in principe vaak al aangeleerd was in de jeugd. En dat het weliswaar beter leek te gaan in de puberteit maar door een toename van stressoren in combinatie met de onzekerheid van een zich ontwikkelende puber, werd dit gedrag weer getriggerd en verergerd. Zo is duidelijk geworden dat je een kind al heel snel moet leren álle smaken te proeven. Want de hersenen kunnen dan wennen (zich ‘habitueren’) aan alle bestaande smaken. De natuurlijke voorkeur van de hersenen bij een kind is namelijk vet, zacht en zoet eten. Dus de scherpere, bittere smaken worden minder natuurlijk gepakt (b.v. groenten).

Stel je deze eenzijdige natuurlijke smakenvoorkeur niet bij dan zal het kind later moeilijkheden kunnen ontwikkelen bij het eten van andere smaken die niet zo zoet en vet zijn. Er zijn genoeg kinderen die alleen maar pizza, pannekoeken en patat lusten en…krijgen. Met alle risico’s van vetzuchtontwikkeling. Terwijl het eigenlijk heel eenvoudig is: laat een kind altijd gevarieerd eten, van alle smaken. Lust het iets niet direct, laat het dan een stukje ervan eten, altijd samen met iets wat het wél lust. Of geef het iets lekkers nadat hij het minder lekkere wél heeft opgegeten. Als je dit consequent hebt gedaan in de eerste levensjaren dan zal het kind veel lusten en veel minder snel eetproblemen krijgen.

Maar een 4-jarige of ouder zal een eigen voorkeur gaan ontwikkelen. Het zal kieskeuriger worden. Dat mag natuurlijk. Maar je zal het ook moeten bijsturen met als doel om je kind toch alle smaken mee te geven. Dat kan je het beste doen door gevarieerd te koken en altijd je kind te stimuleren een klein stukje eten te nemen dat het niet zo lust. Sámen met iets wat het wel graag lust. De grootste fout is dat ouders al heel snel zeggen: ok, dan eet je alleen maar dat wat je wél lust. Je beloont hiermee vermijdingsgedrag, het kind onthoudt dit en zal proberen steeds vaker alleen maar datgene te eten wat het echt lekker vindt. Dán kan er een echte strijd gaan ontstaan aan tafel tussen jou als ouder en je kind. De sfeer wordt dan ongezelliger en het eten krijgt een negatieve lading. Met als gevolg dat het kind nog minder plezier in eten krijgt.

Kortom: als ouder moet je redelijk streng zijn en niet toelaten dat je kind van alles op het bord gaat laten staan. Dit wordt namelijk steeds erger. En op de leeftijd van 4 tot 8 jaar kun jij als ouder nog best streng zijn omdat je kind dan nog wel naar je wil luisteren. Probeer dat maar eens als ze 14 jaar zijn. Ook hier geldt de eerste regel van de beste opvoeding tips: wees streng in redelijke mate en geef grenzen aan.

Datzelfde geldt voor de eetsnelheid. Het gevoel verzadigd te zijn of genoeg te hebben gegeten treedt in de hersenen pas op na zo’n 10 minuten eten. Als je binnen deze 10 minuten dan heel snel eet en dus ‘schranst’of ‘schrokt’, dan loop je een risico van overeten. Je krijgt dan eigenlijk in korte tijd (te) veel naar binnen. Je maag past zich daar op aan en vergroot zich (het is eigenlijk een spierzak). En bekend is dat een grote maag ook meer vulling vraagt. Vetzuchtigen hebben dan ook grote magen. Magere mensen hebben vaak een veel kleinere maag. Te snel eten bij een kind is daarom niet verstandig en moet afgeremd worden.

Het omgekeerde is ook niet verstandig: te langzaam eten. Omdat het verzadigingsgevoel in de hersenen na zo’n 10 minuten groter wordt, kan het zijn dat het kind zijn bord nog maar half op heeft (en meestal alleen de lekkere dingen) en niet meer verder wil eten omdat het al ‘vol’ zit. Op deze manier eet het niet alleen eenzijdig maar ook constant te weinig. Het lichaam merkt dat en zal dan iets later (binnen een uur) vragen om meer voedsel (trek-gevoel). Vaak zie je dan dat een kind gaat snaaien: het zoekt naar iets lekkers (iets zoets, iets vettigs). Ook weer heel eenzijdig dus. Zoiets simpels als eetsnelheid kan dus wel degelijks consequenties hebben: een verstoord eetgedrag. Een redelijk gemakkelijk aan te houden advies is dat het eten toch best binnen een kwartier op kan zijn, mét gezelligheid.

Een ouder zal goed in de gaten moeten houden waar het te langzame of te snelle eten vandaan komt. Vaak zie je dat het te langzame eten eigenlijk een manier is van het kind om te zeggen: ‘mama, ik vind dit niet lekker’. Dan zul je dat moeten benoemen, zien dat je aandacht voor je kind hebt, maar ook moeten aangeven dat je kind wel degelijk een beetje gegeten moet hebben van iets wat het niet goed lust. In ruil daarvoor mag het ook iets extra’s eten dat het dan wel lust. Het toetje mag dan bijvoorbeeld ietsje groter zijn. Maar…wat het niet lust moet dan wel gegeten worden. Een goede truc is om bij het opscheppen alvast rekening te houden met wat het kind wel of niet lust. Nooit veel opscheppen bij iets wat het niet lust want dat wordt een hele marteling en weerstand. Heel belangrijk is dat jij als ouder oog hebt voor wat het kind aangeeft. Op deze manier leert het jou te vertrouwen en ook samen iets wat het moeilijk vindt te doorstaan.

Veel ouders letten echter niet zo goed op. Hierdoor zit een kind dat eigenlijk iets niet wil eten heel lang aan tafel en is het kind ook ongelukkig tijdens het eten. Terwijl eten juist zo leuk moet zijn. Eten wordt dan automatisch (klassieke conditionering noemen psychologen dat) gekoppeld aan iets negatiefs. Dit zal bij kinderen die daar gevoelig voor zijn een grotere kans geven op eetproblemen later.

Ander vervelend niet-eet-gedrag aan tafel. Hoe corrigeer je dit? Zeker als je kind echt niet wil eten? Er is daar al veel over geschreven en gepraat. Veel deskundigen zeggen dat je geen grote scènes tijdens het eten moet maken want dan wordt eten alleen nog maar meer negatief. Dat klopt in principe wel. Maar…tussen het trappen van een grote scène en het stellen van grenzen zit nog wel een wereld van verschil. Regel nummer 1 blijft dat je als ouder het kind grenzen aan geeft: het moét bepaalde zaken leren eten. En zeker op de leeftijd van 4 tot 8 jaar is dat goed te doen want het kind zal nog voldoende respect (en angst) voor je hebben als ouder. Je kan het beste werken met dé correctie-methode die over het algemeen fantastisch werkt: de 1-2-3-methode.

Deze 1-2-3-methode begint eigenlijk al goed te werken bij een 3-jarige. Als een kind iets niet doet wat jij wilt dan begin jij met te zeggen wat de straf wordt als het niet binnen 3 tellen doet wat jij van hem vraagt. Je maakt de straf heel duidelijk en zegt dit op een gedecideerde toon zodat er geen twijfel bestaat voor het kind dat je het meent en dat je dreigt. Vervolgens ga je beginnen met tellen: 1…2…3. Er moet ongeveer 2 á 3 seconden maximaal zitten tussen elke tel. Heel belangrijk is hier ook dat je toon dreigend klinkt en dat je een tel kort en krachtig uitspreekt. Een kind beseft dan dat het menens is en krijgt ook even de tijd na te denken. Vrijwel altijd zal het kind eieren voor zijn geld kiezen en toch doen wat jij vraagt, binnen 3 tellen.

De voordelen van de 1-2-3-methode boven alle andere manieren van straffen zijn de volgende. Allereerst is het heel duidelijk. Veel duidelijker dan een hele harde stem. Maar het is ook veiliger voor een kind. Een harde stem mag dan wel duidelijk zijn maar is behoorlijk bedreigend. Het kind leert dan angstig voor jou te worden. Een beetje angst mag wel, maar bij een harde stem of zelfs een schreeuwende stem wordt het kind té bang. Het zal dan dingen doen niet zozeer omdat het goed leert dat het zo hoort maar omdat het bang is. En angst is altijd een verkeerde manier om dingen te leren. Want zodra deze angst vermeden kan worden zal het kind dat ook doen. Het zal dan ook vaker dingen verzwijgen en dingen stiekem gaan doen voor jou als ouder.

Ten derde is de 1-2-3-methode erg leerzaam: je geeft het kind namelijk de natuurlijke tijd om een opdracht te begrijpen en te waarderen. Immers, het heeft zo’n 4 á 6 seconden om te gehoorzamen. Het leert dan goed te kiezen en na te denken wat verstandiger is. Bij een directe dreiging zoals dreigen te slaan of een schreeuwende ouder leert het kind maar 1 ding: doen want anders… Het heeft dan echt geen tijd om na te denken en voor zichzelf een juiste keuze te maken. En dat is tenslotte wel wat je wilt: dat het straks zelfstandig zonder jouw hulp de juiste keuzes maakt.

Ten vierde voorkomt de 1-2-3-methode vaak ook echte pijnlijke scènes. Zoals schreeuwende ouders en hele discussies met je kind. Discussies hebben weinig zin omdat zo’n 4 of 5-jarige toch maar heel weinig tegelijkertijd kan bevatten. Een discussie leidt ook snel af van wat er precies van het kind gevraagd wordt en is daarmee geen goede gedrags-bijsturing. Pas bij 7 of 8-jarige is een korte uitleg van waarom je iets wil verstandig. Zij begrijpen dit al beter. Maar dat verschilt natuurlijk ook per kind. De een is al heel snel van begrip met 7/8 jaar, de ander nog lang niet. De ervaring leert dat de 1-2-3-methode geleidelijk niet meer toegepast hoeft te worden bij het bereiken van de leeftijden 7-8 of 9. Dan volstaat een korte uitleg waarom je iets wilt.

De 1-2-3-methode werkt altijd! Ook al zeggen nogal wat ouders dat het bij hen niet heeft gewerkt. De reden daarvan is simpel: zij passen de methode niet goed toe. Er worden namelijk nogal wat fouten gemaakt bij deze methode. De grootste fouten op een rijtje. Allereerst is de toon waarmee wordt geteld niet goed. Veel moeders vooral hebben bij het tellen een te zachte of te lieve stem. Bang om te streng te zijn, bang om door omstanders vreemd aangekeken te worden, noem het maar op. Het gevolg is dat het kind jou niet serieus neemt en rustig met zijn (vervelende) gedrag door gaat. Je kunt tellen wat je wilt, maar het werkt niet goed. En eenmaal als het niet goed werkt begint het kind dit te zien en zal het de volgende keer nog minder bang voor jou zijn en weten dat het nog minder hoeft te luisteren. De toon van een tel moet dus kort en krachtig zijn, zonder enige vorm van schaamte of angst, zonder verlenging of zangerige of vragende toon. Oefen dit. Een té korte tel is ook weer niet goed omdat hier echt geen dreiging vanuit gaat. Het moet meer zoiets zijn als: ééén……tweeee..waarbij de toon aan het einde in volume omhoog gaat en je stem wat lager wordt (dreigend dus).

De pauzes tussen de 3 tellen zijn sterk wisselend en te lang. Vaak omdat een ouder eigenlijk niet wil straffen zal het aarzelend gaan tellen. De 1e tel gaat nog wel maar de 2e tel laat (te) lang op zich wachten. Het kind hoort direct deze aarzeling en zal begrijpen dat er toch geen (zware) straf zal komen. De dreiging is er dus nauwelijks, dus waarom dan luisteren? Datzelfde geldt ook als de 3e tel niet komt, bijvoorbeeld omdat de ouder het toch opgeeft. De straf blijft dus uit. Dat is het domste wat je kan doen omdat daarmee de hele dreiging van deze methode wegvalt.

Een andere grote fout is om van tevoren níet een bepaalde straf aan te geven. Je moet altijd zeggen: ‘bij 3 gebeurt er……(de straf)’. Deze straf moet realistisch zijn, binnen de perken en direct toepasbaar. Een straf die pas volgende week begint (geen tv-kijken of een vriendje niet meer zien over 1 week) is niet handig. Dat duurt te lang. Een kind zal tegen de tijd dat de straf wordt uitgevoerd echt niet meer goed snappen waarom de straf was gegeven. Pas bij wat hogere leeftijd kun je straffen geven die wat verder weg in de tijd liggen. Maak áltijd de straf vóórdat je gaat tellen goed duidelijk. Doe je dat niet dan is de dreiging van het tellen ook niet groot genoeg meer. Juist hierdoor moet je vaak wel de straf toepassen, iets wat je eigenlijk niet wilt. De 1-2-3-methode is nu juist bedacht om eigenlijk te voorkómen dat je moet straffen. Het kind krijgt namelijk een keuze: wel of niet gestrafd worden. En als je moet straffen na 3 tellen heb je eigenlijk niet goed gedreigd.

Tot slot: wees consequent: ga na 3 tellen de straf direct uitvoeren. Ga vooral de straf niet verzachten of nog erger: níet uitvoeren. Wees heel duidelijk: na 3 tellen is het voorbij. De straf volgt onmiddellijk op tel 3. Ga ook geen halve tel tussen 2 en 3 toevoegen: iedere aarzeling is een teken van zwakte en het kind zal begrijpen dat het kan ‘winnen’. De dreiging van deze methode is dan veel minder zodat de kans toeneemt dat je wel moet straffen.

Ouders die het lukt om de 1-2-3-methode goed toe te passen hebben geen kind aan hun kinderen. Die luisteren zo goed dat al heel gauw deze methode en straf helemaal niet meer nodig is. Het kind weet waar ie aan toe is als de ouders wat meer gaan dreigen met deze methode. Toen mijn jongste dochter rond de 6 was was het vaak al genoeg te vragen: moet ik tot 3 tellen? Dan hoefde dat vaak niet eens meer.

Een andere correctie-methode die je tijdens het eten (of bij andere situaties) kan toepassen is de beroemde time-out-methode. De straf is dan vaak het verwijderen van je kind van tafel en van de aandacht van jou of anderen. Het kan dan bijvoorbeeld 10 minuten ergens neer gezet worden (het ‘stout-hoekje’) waar er niemand naar hem of haar kijkt. Separatie of scheiding van jou als ouder is een zware straf voor een kind. Maar het is regelmatig nodig om het kind te laten afkoelen. Een onredelijk zeer emotioneel kind, daar kun je weinig mee. Die moet je in zijn sop laten gaarkoken en laten afkoelen. Daarvoor is de time-out. Deze werkt ook meestal goed.

Fouten bij de time-out zijn vaak dat de time-out te kort of te lang is. Hoe weet je dat? Te kort: het kind is nog altijd niet afgekoeld en nog altijd respectloos naar jou toe als ouder. Is nog brutaal, wil nog altijd niet wat je netjes vraagt. In dat geval: opnieuw time-out, direct en wat langer dan de 1e keer. Net zo lang dat het kind ‘breekt’ en emotioneel wordt en…sorry kan zeggen. Te lange time-out: het kind is over de toeren geraakt, zeer emotioneel en huilt overduidelijk, (te) gebroken. Dit is vaak onnodig kwetsend en zou je kunnen zien als kindermishandeling. Nooit doen dus! Mocht je het kind vergeten zijn dan troosten en zelf excuses maken. Maar ook: terugkomen op waarom de straf was gegeven.

Een andere fout is dat de time-out verkeerd wordt afgesloten. Als je naar je kind toe gaat moet je altijd eerst bekijken of het berouw heeft. Als dat zo is, vaak direct te zien, vraag het dan kort en rustig waarom het straf had. Je kind moet dit kunnen zeggen. En vervolgens vraag je dan wat het in zulke gevallen moet zeggen (‘wat zeg je nu dan?’); je wilt dat het begrijpt dat het fout zat en dat het zijn excuses aanbiedt. Een simpele ‘sorry’ is al goed. Maar dit sorry moet wel een beetje gemeend zijn. Een sorry met een grijs, of met een glimlach is geen sorry maar een uiting van disrespect. Je kunt dan direct dreigen met nog een time-out en zeggen dat dit geen correcte sorry is. Vaak ziet je kind dat het je menens is en dan volgt vanzelf een andere sorry. Vanaf dát moment moet het voor jou als ouder ook voorbij zijn. Je behandelt je kind direct daarna weer gewoon en schenkt hem je gewone aandacht. Vooral niet boos blijven doen! En vooral ook niet door blijven zeuren over waarom de straf nou was, dat is al gepasseerd, is al gebeurd. Al je zo consequent handelt iedere keer bij een time-out, dan leert je kind jou te vertrouwen en begrijpt het ook beter dat straf wel erg is maar dat de wereld niet vergaat. Dat jij alsnog van je kind houdt. Jij wijst hem of haar niet af.


Op straat of bij andere mensen

In feite geldt hier hetzelfde als hierboven. Gebruik de 1-2-3-methode en straf met een goede realistische straf. Een time-out is buiten of in een winkel natuurlijk wat moeilijker. Maar bij opa of oma kan dat wel. Laat opa of oma trouwens van tevoren duidelijk weten dat zij zich niet moeten bemoeien met jouw manier van corrigeren of strafgeven. Opa’s of oma’s zijn vaak (te) lief voor hun kleinkinderen, logisch en volstrekt natuurlijk. Maar…niet handig. Het beste wat zij kunnen doen is jou als ouder steunen in jouw corrigerende maatregelen. Des te sneller zal je kind begrijpen dat het fout zat en dat het moet luisteren.

Zorg er ook voor dat jullie beiden als opvoeders exact hetzelfde straffen, of probeer dat in ieder geval. Natuurlijk is de een altijd wat meer vergevend dan de ander. Maar het mag niet zo zijn dat een kind bij de een geen enkele straf krijgt en bij de ander altijd. Laat jezelf dus niet uitspelen! Een simpele tip: spreek ook met elkaar af wie altijd iets strenger is dan de ander. Een kind kan dan altijd in veiligheid ontsnappen naar de minder strenge ouder. Of praten over de straf. De minder strenge ouder kan dan aangeven dat de straf terecht was en dat het kind voortaan beter moet luisteren.



Van 8 tot 12 jaar: beste opvoeding tips voor de dagelijkse praktijk


Aan tafel tijdens het eten
Eigenlijk zijn hier dezelfde tips als bij de 4 tot 8-jarigen te geven. Er zijn natuurlijk wel een paar verschillen. Met name de manier waarop je je kind van 8 tot 12 jaar aanspreekt is belangrijk. Zo’n kind wil niet meer behandeld worden als een klein kind. Dus je kunt iets meer beroep doen op zijn of haar verstandige vermogens. Iets meer gewoon gesprek in plaats van commanderen of opdrachten geven. Dus iets meer: ‘zou jij dit voor mij willen doen?’

Zo is het stellen van grenzen bij 8 tot 12-jarigen niet meer zo maar te doen via de 1-2-3-methode. Dat accepteren ze niet meer zo maar. Alleen als je kind emotioneel nog jonger is dan zijn kalenderleeftijd kun je dit nog wel eens toepassen. Maar blijf wel je grenzen stellen! Laat dus duidelijk weten aan je kind wat je wel en niet toestaat. Houd je afspraken helder. Hoe beter je kind weet waar het aan toe is, hoe eenvoudiger het kan luisteren. En laat ze ook wat meer de grenzen verkennen. Dat zullen ze toch wel automatisch meer doen. Dus niet áltijd keihard ingrijpen als zij eens de grenzen overschrijden. Maar dit wel altijd duidelijk maken. Als mijn 11-jarige wel eens 10 minuten later kwam dan afgesproken dan confronteerde ik haar er wel mee. Doorvragen hoe dat kwam en vervolgens natuurlijk aangeven dat dit een volgende keer toch echt niet de bedoeling was. In een neutrale toon maar wel duidelijk. Als je kind wat ouder is zal het waarderen dat je meer met haar of hem praat over overtredingen. In plaats van alleen maar straft of terecht wijst. Op deze manier win je ook meer vertrouwen van je kind.

Daarnaast is het erg belangrijk je kind meer te stimuleren door het meer zelfstandig te laten doen. En dat mag best snel gaan. Een kind krijgt daar vaak een eigen trots van, een eigen zelfstandigheid en gevoel van vrijheid. Maak hierover wel duidelijke afspraken zodat je kind altijd weet wat het mag en niet mag. Een verjaardagspartijtje boven op zolder georganiseerd door je 11-jarige dochter binnen bepaalde grenzen (geen alcohol, geen rotzooi of naderhand zelf opruimen) moet je een keer toestaan. Gewoon om te kijken of zij in staat is deze grenzen te hanteren. En mocht dat niet zo zijn, tja, dan rest jou om een en ander te evalueren, na te bespreken met haar. Op een rustige en volwassen manier. Laat haar zelf benoemen wat zij goed en minder goed heeft gedaan. Bij het nog niet goed kunnen hanteren van eigen grenzen kun je toekomstige wensen voor verjaardagen of feestjes wat meer inperken. Pas als je kind zelf aantoont wél de grenzen te kunnen hanteren, kun je ook toeschietelijker zijn. Maar wordt nooit fel boos op haar persoon, vertel rustig wat je wel en niet goed vond in haar gedrag. Zo laat je rustig zien wat jouw grenzen zijn.

Ook hier blijft gelden: wees consequent en duidelijk bij correcties van gedrag. De straf moet duidelijk passen bij de overtreding. Dus niet 2 weken huisarrest als zij een keer 5 minuten te laat kwam. Maar wel: 1 week huisarrest als zij voor de 3e keer een half uur te laat kwam. Ik hanteer vaak de regel in de 1-2-3 methode: 2x overtreding begaan kan nog, een 3e keer volgt er een harde straf. In feite moet je een 2e overtreding duidelijk wat harder aanpakken dan een 1e overtreding. Je kind begrijpt dan dat het menens is. Maar je moet ook duidelijk maken dat een 3e keer ernstige gevolgen heeft. Je kind kan dan een tijdje nadenken over hoe het anders moet. Maak echter op tijd duidelijk welke straf er zal zijn bij een 3e keer overtreding. Zo hebben wij zeker 2 weken huisarrest moeten opleggen aan onze dochter die met haar 12e jaar voor de 3e keer duidelijk te laat was na een afspraak met een vriendinnetje die er ook een handje van had altijd te laat te komen (en hun mobiel uit te zetten).

Wat je dan altijd ziet gebeuren na zo’n forsere straf is dat zij dan de komende weken iets voorzichtiger zijn. Doe je zoiets consequent dan weet je kind waar ze aan toe is, wanneer zij de grenzen kan opzoeken en wanneer echt niet. Een kind moet ook met deze grenzen opzoeken kunnen experimenteren want dat zal in de pubertijd meer gebeuren. Het oefenen hierin is voor jezelf als ouder en voor je kind heel handig. Het voorkomt dat je qua emoties uit je dak gaat van kwaadheid. Omdat je geoefend, geleerd hebt zo’n overtreding met je kind op een rustige en volwassen manier door te spreken. Je kind zal je daarom meer vertrouwen en sneller bepaalde overtredingen gaan opbiechten.

Dan kom ik nog op een laatste belangrijk punt bij de 8 tot 12-jarigen: straffen moet je ze nooit té hard of té fel. Juist op deze leeftijd worden ze gevoeliger. Misschien denkt nu iedere lezer: ja, maar dat waren ze toch juist bij 4 tot 8 jaar? Wat ik hier bedoel is dat zij zich meer gaan aantrekken van kritiek, de 8 tot 12-jarigen. Ze zullen het nog meer op zichzelf gaan betrekken. Bovendien gaat de band die ze met jou als ouder hebben veranderen, deze band wordt volwassener en daarmee ook dieper. Vertrouwen gaat nu op een meer volwassen manier een rol spelen. Ze zullen je harder op jouw woord gaan moeten geloven. En een ouder die té hard schreeuwt of straft verliest nu veel sneller respect. Het straffen verandert dus van vorm: meer praten over en minder fel reageren.

Een volgende pagina zal vooral gaan over de opvoeding van pubers van 12 tot 18 jaar. Veel van wat ik hierboven gezegd heb zal een deel gelden voor pubers. Maar…pubers zijn écht anders. Zie de pagina Opvoeding tips bij pubers.

Als u zelf goede voorbeelden en tips hebt voor andere ouders dan kunt u deze in een aparte pagina zelf toevoegen. Zo kunnen we elkaar helpen. Ik behoud me wel het recht voor de reacties te corrigeren omdat ik graag zie dat de inhoud goed is.



Ga naar Beste Opvoeding Tips

Ga naar Homepage

Ga naar Wat is een normale persoonlijkheid? Normaal gedrag?

Ga ook eens naar Beste behandeling voor angststoornissen

Ga naar mijn Praktijk website 3z-psychologie


Wat vindt u van deze pagina? Vul uw commentaar hier s.v.p. in.

Please note that all fields followed by an asterisk must be filled in.

Please enter the word that you see below.

  


Heeft u iets aan de hier voorgestelde oplossingen?

Heeft u iets gehad aan de voorgestelde oplossingen op deze pagina? Zo ja, vertelt u dan aub uw eigen verhaal. Mogelijk heeft u nog méér oplossingen voor anderen.

Ik nodig u bij deze uit uw verhaal te vertellen, op uw eigen manier. Het delen van uw verhaal met anderen kan mogelijk andere mensen helpen. Misschien worden uw tips straks wel de meest belangrijke en meest gewaardeerde. Bovendien zorgt uw verhaal voor nóg meer praktijkinformatie zodat we nog meer leren van elkaar.

Met uw verhaal kunt niet alleen anderen helpen, anderen kunnen ú ook helpen! En het mooiste van alles is: u kunt uw verhaal geheel anoniem kwijt, geen registratie nodig, u kunt meteen beginnen te typen. Zodat wij met z'n allen elkaar helpen! Met mijn dank alvast!

[ ? ]

Author Information (optional)

To receive credit as the author, enter your information below.

(first or full name)

(e.g., City, State, Country)

Submit Your Contribution

 submission guidelines.


(You can preview and edit on the next page)

Wat andere lezers/bezoekers gezegd hebben...

Klik hieronder om te zien wat andere bezoekers hebben verteld...

Heftige vroeg-puber  
Ik heb een 10-jarige dochter met heftige stemmingswisselingen. Zij is vanochtend erg boos de deur uit gegaan naar school. Ik ben zelf ook heel boos geworden …

Click here to write your own.


Read here about all disclaimers relevant to this site:

LegalDisclaimers.html


If you want you can follow me on Twitter. I usually tweet in a serious way: whenever there is any news to share, being either about brain injury, emotional problems, abnormal behavior or other morality issues. Click on the link below:

Als u wilt kunt u me ook op Twitter volgen. Ik tweet eigenlijk alleen serieuze zaken, of dat nu nieuws is over hersenletsel, emotionele problemen, abnormaal gedrag of andere ethische zaken. Klik op onderstaande link:

https://twitter.com/fckovacs

Aanbevolen boeken







Van het uitstekende TV-programma Super-Nanny voor iedereen die jongere kids goed wil opvoeden:
Opvoeden met gezond verstand gaat vooral in op hoe jij zelf erin staat. Zeer goede praktische psychologie van een bekende psycholoog:
vooral over peuters opvoeden:
wetenschappelijke onderbouwing vanuit hersenwetenschap:
En een heel leuk boekje over hoe je jonge kinderen aan het eten krijgt: Goede tips bij huiswerk maken voor ouders!